U bent hier

Kloosteruniversiteit Den Bosch

woensdag 18 september 2019 - 16:54

Voor sommigen zal het misschien nog even wennen zijn, maar ook Den Bosch heeft sinds 3 jaar een echte universiteit. Een universiteit gebouwd op een inhoudelijk samenwerkingsverband van de universiteiten van Eindhoven en Tilburg. De gemeente Den Bosch en de provincie Noord-Brabant steunen het initiatief. De universiteit is gesitueerd in het voormalig kloostercomplex Mariënburg waar tot in 1999 de rooms-katholieke nonnen onderwijs gaven. De nieuwe universiteit, die zich concentreert op data science, bouwt welbewust voort op het DNA waar de zusters 100 jaar lang aan gebouwd hebben. Dus toen vorig jaar een deel van de zusters op bezoek kwam, stroomden al snel de tranen. De zusters herkenden wat er gebeurde en vonden het pand nog mooier dan het vroeger al was. En dat is begrijpelijk want eigenaar Campus CV heeft fors in het complex geïnvesteerd, met liefde voor het karakter en de detailleringen van het gebouw. Tegelijkertijd zijn er geavanceerde voorzieningen aangebracht die passen bij een onderwijsinstelling anno nu. Zo konden zusters die slecht ter been zijn na jaren weer eens alle gebouwdelen bezoeken, omdat het gehele pand nu ook voor mindervaliden toegankelijk is.

Een duurzaam monument

Bouwkundige Bas Dobbelaer vertelt hoe hij met kunst en vliegwerk het oude gebouw bij de tijd heeft gebracht. Daarbij legde de universiteit als hoofdhuurder soms een eisenpakket neer dat eerder paste bij nieuwbouw dan bij het hergebruik van een monument. Uiteindelijk is over en weer water bij de wijn gedaan en zijn passende oplossingen gevonden. ‘Zo zijn de muren in de klaslokalen niet geïsoleerd,’ vertelt Dobbelaer, ‘maar bleek het plaatsen van achterzetramen zo energiebesparend, dat de oude raamelementen behouden konden worden. Omdat alle ramen onderling verschillen moesten de achterzetramen wel op maat gemaakt worden. Per saldo bleken die echter niet veel duurder te zijn dan standaard nieuwe kozijnen en ramen. Terwijl zo het patina van het oude gebouw behouden kon blijven, draagt het hergebruik van het bestaande materiaal ook bij aan een duurzaam gebruik van het gebouw.’ Over duurzaamheid gesproken. Inmiddels is het gebouw bijna helemaal van het gas af. Er blijkt veel mogelijk in een (rijks)monumentaal gebouw.

Succes het probleem

Bestond de eerste groep afstudeerders nog uit 12 leerlingen, inmiddels lopen er zo’n 350 leerlingen rond. En de aanwas lijkt vooralsnog niet te stoppen, zo vertelt projectmanager Monica Kuenen-Passier van vastgoedorganisatie COFFR, ontwikkelaar van het project. Natuurlijk staat het werken met (big) data overal volop in de belangstelling en trekt het jongeren, maar wat zonder twijfel ook aan het succes bijdraagt is dat de Jheronimus Academy of Data Science (JADS) zich in dit oude klooster bevindt. Dat brengt blijkbaar een bepaalde sfeer met zich mee. ‘Het lijkt soms wel of studenten dat voelen en zich ernaar gedragen’, vertelt ze. ‘Het is hier vrijwel altijd vrij stil; er wordt nauwelijks gerotzooid. Er hangt bijna een serene rust. En mensen lijken zich verantwoordelijk te voelen voor wat er in het gebouw gebeurt; men ruimt bijvoorbeeld meestal alles op en laat werkplekken netjes achter.’

Onderdeel van het succes is zonder twijfel ook dat er flink geïnvesteerd is in het bouwen van een ecosysteem van leren, wonen en werken. De universiteit verzorgt er onderwijs, de (buitenlandse) studenten wonen er, en er zijn allerlei databedrijven gevestigd die zorgen voor een kruisbestuiving tussen onderzoek en praktijk. De leerlingen hebben vaak al een baan voordat ze zijn afgestudeerd. Startups groeien er als kool. De onderwijsbehoefte neemt met de dag toe. Kortom: het eigen succes lijkt het belangrijkste probleem van JADS. Want het kloostercomplex is weliswaar 16.000 m2, maar ook daar zitten grenzen aan. Daarom houdt Monica haar ogen nu al open voor nieuwe (historische) panden in de stad, zodat de toekomstige vraag geaccommodeerd kan worden.

Vruchten plukken van de zusters

In de tuin van het complex staat een monumentale peren-berceau, een tunnel van perenbomen, die in ere is hersteld. De vruchten worden geplukt en voor een deel teruggegeven aan de zusters die nu niet meer in het klooster wonen, maar nog steeds wel actief zijn. Zij maken er perenconfituur van. En van de rest maakt een lokale Bossche brouwer perencider. Hoe geworteld kan een 3 jaar oude universiteit wel niet zijn?!

Reacties